• Mon, Oct 2026

Forse salariskloof ontdekt tussen medewerkers van presidentieel en vicepresidentieel kabinet

Forse salariskloof ontdekt tussen medewerkers van presidentieel en vicepresidentieel kabinet

Econoom Winston Ramautarsing wijst op aanzienlijke inkomensverschillen tussen medewerkers van de twee hoogste kabinetten in het land. Het verschil bedraagt gemiddeld twintigduizend Surinaamse dollar per maand

Wat er aan de hand is

Er zijn forse verschillen in de gemiddelde beloningen tussen twee belangrijke overheidsinstanties in het land. Het gaat om de personele vergoedingen bij het Kabinet van de President en het Kabinet van de Vicepresident.

Grote loonverschillen tussen Kabinet van de President en Kabinet van de Vicepresident gesignaleerd

De cijfers tonen aan dat het personeel bij het ene kabinet maandelijks aanzienlijk meer overhoudt dan bij het andere kabinet, wat vragen oproept over de evenwichtigheid van de bezoldigingen binnen de centrale overheid.

De betrokken partijen en bedragen

Bij deze kwestie zijn twee specifieke overheidsorganen in beeld gebracht door econoom Winston Ramautarsing:

  • Medewerkers van het Kabinet van de Vicepresident ontvangen gemiddeld SRD 56.000 per maand.
  • Medewerkers van het Kabinet van de President moeten het doen met een gemiddelde van SRD 36.000 per maand.

Het contrast tussen deze twee bedragen toont een gemiddeld verschil van SRD 20.000 per werknemer per maand.

Vraagtekens bij de beloningsstructuur

De vaststelling van deze cijfers leidt tot kritische kanttekeningen. Ramautarsing plaatst openlijk vraagtekens bij de uiteenlopende salariëring die binnen de overheid wordt gehanteerd.

Wanneer functionarissen binnen vergelijkbare ondersteunende overheidsdiensten dermate ver uit elkaar liggende vergoedingen toegekend krijgen, roept dat vragen op over de gehanteerde criteria en waarderingen voor de geleverde werkzaamheden.

Wat hieraan voorafging

Binnen het overheidsapparaat bestaan er al langer uiteenlopende bezoldigingsreeksen voor verschillende diensten, departementen en kabinetsformaties. Echter is nu specifiek de verhouding tussen de twee voornaamste politiek-bestuurlijke instituten aan het licht gekomen.

De discussie over hoe middelen worden verdeeld en hoe loonreeksen tot stand komen bij kabinetsdiensten, vormt de directe achtergrond van de recente constatering van de econoom.

Wat deze cijfers betekenen

De salarisverschillen hebben directe gevolgen voor het inzicht in de overheidsuitgaven en de loonstructuur. Een dergelijke kloof tussen twee kabinetten kan duiden op:

  • Afwijkende toelagen en emolumenten die per kabinet afzonderlijk worden berekend.
  • Mogelijke verschillen in functiezwaarte of inschaling van het aangetrokken personeel.
  • Een gebrek aan centrale uniformiteit in de bezoldiging van kabinetsmedewerkers.

Voor de staatsbegroting betekent het dat het ene orgaan per hoofd aanzienlijk zwaarder drukt op de personeelsuitgaven dan het andere orgaan.

Wat nog niet bekend is

Hoewel de gemiddelde bedragen zijn gepresenteerd, ontbreekt op dit moment nog een aanzienlijk deel van de context. De beschikbare gegevens geven geen antwoord op de volgende punten:

  • Om hoeveel personeelsleden het precies gaat per kabinet.
  • Wat de verdeling is tussen basissalarissen, overuren, representatiekosten en bijzondere toelagen.
  • Welke specifieke functiegroepen zijn meegenomen in de berekening van deze gemiddelden.
  • Of er formele reacties zijn van de leiding van het Kabinet van de President of het Kabinet van de Vicepresident.
  • De exacte periode of peildatum waarop deze gemiddelde bedragen zijn vastgesteld.

Verdere stappen

De geconstateerde loonkloof legt de nadruk op de noodzaak van helderheid rondom de bezoldigingen binnen de hoogste bestuurslagen van het land. Er zal duidelijkheid moeten komen over de formele grondslag van deze loonverschillen en of er beleidsmatige maatregelen nodig zijn om de interne beloningen binnen de staatshuishouding beter op elkaar af te stemmen.

Bronnen

Khadeem Smart

Schrijft voor Viraal Suriname.